Beleidsbesluit hybride geldverstrekkingen

De staatssecretaris van Financiën heeft een besluit met beleid voor de behandeling van hybride geldverstrekkingen in de vennootschaps- en dividendbelasting gepubliceerd. In beginsel wordt het verschil tussen eigen en vreemd vermogen bepaald door de civielrechtelijke vorm. Soms is de civielrechtelijke vorm van een geldverstrekking niet duidelijk omdat de verstrekking kenmerken van beide vormen bevat. Uitgangspunt is dat het bestaan van een terugbetalingsverplichting een wezenlijk kenmerk is van een lening. Een dergelijke verplichting heeft voorrang op de aanspraken van aandeelhouders.

Kapitaal
Geld dat niet voor een bepaalde looptijd maar permanent ter beschikking wordt gesteld is geen lening wanneer de geldverstrekker bij faillissement of ontbinding van de vennootschap geen nominaal recht heeft op aflossing, maar meedeelt met de aandeelhouders in de liquidatie-uitkering. De geldverstrekker deelt dan op gelijke wijze als aandeelhouders in de verliezen van de vennootschap. Dat heeft tot gevolg dat de vergoeding op dergelijke geldverstrekkingen voor de vennootschap niet aftrekbaar is van de winst. De staatssecretaris heeft goedgekeurd dat een als kapitaal aangemerkte permanente geldverstrekking op verzoek onder de deelnemingsvrijstelling kan worden gebracht. Over de vergoeding die wordt betaald op als kapitaal aangemerkte permanente geldverstrekkingen hoeft geen dividendbelasting ingehouden te worden, omdat deze geldverstrekkingen niet vallen onder de in de wet aangewezen kapitaalsvormen.

Lening
Een geldverstrekking met vaste looptijd, die schuldaansprakelijk is bij faillissement of ontbinding, heeft volgens het besluit wel de terugbetalingsverplichting die kenmerkend is voor een lening. Het recht op aflossing na bepaalde tijd is daarvoor doorslaggevend. De daarnaast bestaande schuldaansprakelijkheid doet daar niet aan af. Wanneer de looptijd zodanig lang is dat de geldverstrekking als kapitaal wordt aangemerkt, zoals bij de deelnemerschapslening, kan dat anders zijn. Een deelnemerschapslening is een lening met een vaste looptijd van meer dan 50 jaar, die is achtergesteld bij alle crediteuren en waarvan de vergoeding winstafhankelijk is.

Er is een wettelijke regeling voor de samenloop van de deelnemerschapslening en de deelnemingsvrijstelling en de dividendbelasting. Onder bepaalde voorwaarden geldt de deelnemingsvrijstelling voor de geldverstrekker en is over de opbrengst dividendbelasting verschuldigd.

Algemeen overleg Belastingdienst

De staatssecretaris van Financiën heeft in een brief aan de Tweede Kamer gereageerd op een aantal onderwerpen dat in het Algemeen overleg over de Belastingdienst is besproken. Een van de besproken onderwerpen is de Berichtenbox en dan met name het controleren of berichten zijn geopend, de mogelijkheid om post alleen digitaal te ontvangen en de bewaartermijn van berichten in de Berichtenbox.

Monitoring van berichten
Van alle berichten in de Berichtenbox wordt bijgehouden of zij worden geopend. Op het niveau van de organisaties die zijn aangesloten bij MijnOverheid wordt niet gecontroleerd of berichten geopend worden.

Alleen digitale post
Op dit moment is het niet mogelijk alleen digitale berichten te ontvangen. De staatssecretaris heeft toegezegd te onderzoeken wat er nodig is om dit mogelijk te maken en hoe de verwerking van die keuze in de systemen van de Belastingdienst vorm kan worden gegeven. In de volgende halfjaarsrapportage zal de staatssecretaris ingaan op de voortgang.

Bewaartermijn berichten
De Belastingdienst gebruikt de Berichtenbox van MijnOverheid als digitale brievenbus voor het bekendmaken van formele berichten zoals beschikkingen en aanslagen. De bewaartermijn van deze berichten is onbeperkt. Zolang een belastingplichtige zijn Berichtenbox niet leegt, blijven berichten behouden. Op de eigen portalen van de Belastingdienst, zoals Mijnbelastingdienst en MijnToeslagen, vinden belanghebbenden actuele informatie over hun belasting- en toeslagzaken en de berichten die zij daarover van de Belastingdienst hebben ontvangen. Berichten blijven op deze portalen in elk geval beschikbaar zolang bezwaar, beroep, navordering of andere procedures mogelijk zijn, dus in ieder geval vijf jaar. De belastingplichtige die langer wil kunnen beschikken over kopieën van zijn aangiften en aanvragen kan deze downloaden en zelf archiveren. De Belastingdienst onderzoekt hoe aangiften na vijf jaar oproepbaar kunnen worden gemaakt.

Pleegkinderen en partnerschap
Het Belastingplan 2018 bevat een aanpassing van het partnerbegrip voor de toeslagen en inkomstenbelasting. Pleegkinderen voor wie een pleegzorgvergoeding is ontvangen worden daardoor uitgezonderd van het partnerschap. Deze tegemoetkoming wordt met terugwerkende kracht ingevoerd vanaf 2017. De aanvrager en het pleegkind moeten zelf een verzoek indienen bij de Belastingdienst om het pleegkind niet aan te merken als partner.

Hoog tarief voor alcoholische dranken bij de maaltijd

In navolging van de rechtbank is ook het hof van oordeel dat het hoge tarief voor de omzetbelasting van toepassing is op alcoholhoudende dranken, die een restaurant serveert bij maaltijden. De restauranthouder had toepassing van het lage tarief bepleit omdat het serveren van alcoholhoudende dranken als bijkomende prestatie op zou gaan in de levering van de maaltijd als hoofdprestatie. Op maaltijden, die ter plaatse worden genuttigd, is het lage tarief van toepassing. Het verstrekken van alcoholhoudende dranken is geen bijkomende prestatie bij het verstrekken van maaltijden, maar een afzonderlijke dienst.