Non-concurrentiebeding

Een non-concurrentiebeding wordt in de praktijk vaak concurrentiebeding genoemd. Feitelijk is dat niet juist, want de bedoeling van het beding is de werknemer te verbieden om na het einde van zijn contract soortgelijke werkzaamheden uit te oefenen bij een ander bedrijf of als ondernemer. Een non-concurrentiebeding moet schriftelijk worden aangegaan. Het meest eenvoudig is om het beding in de arbeidsovereenkomst op te nemen, maar het kan ook afzonderlijk overeen worden gekomen. Een niet schriftelijk concurrentiebeding is ongeldig.

Het is niet toegestaan om in een tijdelijk contract een concurrentiebeding op te nemen. Op deze regel geldt echter een uitzondering. Wanneer de werkgever kan aantonen dat sprake is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen, mag er toch een concurrentiebeding worden aangegaan. Er moet dan wel schriftelijk worden uitgelegd waarom sprake is van een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang. Ontbreekt deze uitleg, dan is het beding niet geldig.

Aanzegverplichting

Bij een tijdelijk arbeidscontract voor een duur van zes maanden of langer geldt de aanzegverplichting. Deze verplichting houdt in dat de werkgever tijdig moet aangeven of hij de overeenkomst na afloop wel of niet wil voortzetten. Dit moet schriftelijk gebeuren en wel uiterlijk 1 maand voor het einde van het contract. Als de werkgever de overeenkomst wil voortzetten moet hij aangeven onder welke voorwaarden dat gebeurt. De werkgever voldoet overigens al aan de aanzegverplichting als hij bij de aanvang van de arbeidsovereenkomst schriftelijk laat weten dat er geen opvolgend contract zal komen. De aanzegtermijn geldt niet als een uitzendbeding in de arbeidsovereenkomst is opgenomen.

Gevolgen niet nakomen aanzegverplichting
Laat de werkgever niet weten of de arbeidsovereenkomst wel of niet wordt voortgezet, dan is hij de werknemer een vergoeding van 1 maandsalaris verschuldigd. Voldoet de werkgever te laat aan de aanzegverplichting, dan is hij een evenredige vergoeding verschuldigd. Is de werkgever een week te laat met het voldoen aan zijn verplichting, dan bedraagt de vergoeding waar de werknemer recht op heeft een weeksalaris.
De werkgever is geen vergoeding wegens het niet of te laat nakomen van de aanzegverplichting verschuldigd in de volgende situaties:

  • faillissement;
  • uitstel van betaling;
  • toepassing van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen.

Aanpak van belastingontwijking en -ontduiking

De vaste commissie voor Financiën van de Eerste Kamer heeft vragen gesteld aan de staatssecretaris over zijn brief inzake de aanpak van belastingontwijking en belastingontduiking.

De eerste Europese Anti-Tax Avoidance Richtlijn (ATAD1) verplicht de lidstaten van de EU om maatregelen te nemen tegen uitholling van de belastinggrondslag in de vennootschapsbelasting. Het kabinet kiest voor een maatregel die de aftrek van rente beperkt voor bedrijven met een overschot aan vreemd vermogen. Dat moet leiden tot een meer gelijke behandeling van eigen en vreemd vermogen in de vennootschapsbelasting. De (onbegrensde) aftrekbaarheid van rente stimuleert het financieren van ondernemingsactiviteiten met vreemd vermogen. Om dit tegen te gaan wil het kabinet geen uitzondering voor financieringen in groepsverband opnemen. Het kabinet is geen voorstander van het aanbrengen van een onderscheid tussen het financieren met leningen van derden en leningen van groepsmaatschappijen. De maatregel treedt in werking als het per saldo verschuldigde bedrag aan rente meer bedraagt dan € 1 miljoen. Er komt geen eerbiedigende werking voor bestaande leningen.

Het invoeren van deze generieke renteaftrekbeperking schept de ruimte voor het afschaffen van enkele bestaande specifieke renteaftrekbeperkingen. Dat betreft in ieder geval de aftrekbeperking voor bovenmatige overnamerente. Deze overnameholdingbepaling zal met ingang van 1 januari 2019 vervallen. In het Belastingplan 2019 zal worden aangegeven welke andere renteaftrekbeperkingen zullen worden afgeschaft. In het regeerakkoord is opgenomen dat de renteaftrekbeperking, die winstdrainage tegengaat, blijft bestaan.